Schuiven met stoelen en tafels

Veranderende ideeën over het schoolgebouw

Het onderwijs is continu in beweging. Niet alleen de ideeën over onderwijs zijn in de loop der jaren veranderd, de inrichting van de school is dat ook.

Voor 1800

Adriaan van Ostade

In 1662 schilderde Adriaan van Ostade het schilderij De dorpsschool (ook wel De schoolmeester genoemd). Het schilderij geeft een beeld van de rommel en chaos die in de zeventiende eeuw op de scholen heerste. Alle kinderen zitten door elkaar, het is er donker, stoffig en vies. Met de plak in de hand zit de schoolmeester achter zijn tafel. Kinderen moeten naar hem toe komen om hun lesjes na te kunnen kijken.

Wie het schilderij in het echt wil zien moet naar Parijs. De dorpsschool hangt in het Louvre.

Tot ca. 1800 waren er nog weinig echte schoolgebouwen. Vaak werd er les gegeven op zolders of in schuren. Het was net welke ruimte er beschikbaar was. Lang niet voor iedereen waren er stoelen of bankjes. Kinderen lazen hun lesjes hardop voor om ze uit het hoofd te leren.

Klassikaal onderwijs

Vanaf de negentiende eeuw raakte het onderwijs beter georganiseerd. Er kwamen bankjes recht in het gelid. Leerlingen waren daarin op niveau en leeftijd gegroepeerd. Het lager onderwijs werd verdeeld in verschillende klassen, alhoewel het tot het einde van de negentiende eeuw zou duren voor ze ook in aparte lokalen zaten. De onderwijzer stond nu vooraan bij het schoolbord om de lesstof uit te leggen. Op die manier kon hij de hele klas in de gaten houden. Zomaar door de klas lopen was niet toegestaan, rust en orde stonden centraal.

Scholen bouwen

Werden er in de negentiende eeuw nog mondjesmaat nieuwe scholen gebouwd, in de twintigste eeuw groeide het aantal in rap tempo. In de jaren twintig werden veel gangenscholen gebouwd, waarbij klaslokalen langs een lange gang lagen. Na de Tweede Wereldoorlog werden klaslokalen rond een gemeenschappelijke binnenruimte gebouwd; deze scholen werden halscholen genoemd. In de nieuwe scholen kon volop geëxperimenteerd worden met lossere klassenverbanden waarbij kinderen in groepjes of in een kring in de klas zaten. Er kwamen ook aparte ruimtes voor handwerk-, teken- of muziekles.

Flexibel en inspirerend

De schoolgebouwen zijn de afgelopen jaren alleen maar verder vernieuwd. Zo spelen licht, kleur en multifunctionaliteit een grote rol. Leerpleinen, computerlokalen en aula’s zijn tegenwoordig in bijna elke school te vinden. Ondanks de veranderingen zijn er ook dingen hetzelfde gebleven: leerlingen zitten het grootste gedeelte van de dag nog steeds op een stoel achter een tafel – en vaak ook nog in rijtjes – terwijl de leraar voor de klas de lesstof uitlegt.


Hulponderwijzer

Onderwijzer zijn in de negentiende eeuw was geen gemakkelijke klus! In je eentje moest je in een rumoerig klaslokaal zo’n zeventig  kinderen van verschillende leeftijden en niveaus onderwijzen. Als er op een school meer dan zeventig kinderen zaten kwam er een hulponderwijzer bij. Dit was vaak een jongen van een jaar of veertien  die de schoolmeester kon assisteren. Een tweede schoolmeester werd pas aangesteld als een school meer dan honderd leerlingen had.

 



Licht-luchtschool

In de wederopbouw werden er in Nederland veel licht-luchtscholen gebouwd. De naam zegt het al: de scholen bestonden uit ruimtelijke lokalen met grote ramen waardoor er veel lichtinval was. Het was de bedoeling dat de kinderen door de grote ramen ook wat van de buitenwereld mee zouden krijgen. Veel onderwijzers plaatsten na een tijdje gordijntjes langs de onderkant van de ramen. Er werd namelijk wel erg veel naar buiten gekeken!